Nederlander is groter deel kwijt aan wonen, zorg en energie dan voor crisis

  

Een gemiddeld huishouden geeft een groter deel van de inkomsten uit aan basisbehoeften

Nederlander is groter deel kwijt aan wonen, zorg en energie dan voor crisiszoals wonen en zorg, dan in 2008. Daarmee blijft er minder over voor andere spullen en diensten. Dit verandert ondanks de aantrekkende economie maar geleidelijk, meldt het economisch bureau van ING donderdag.

Huishoudens consumeren hierdoor minder dan voor de crisis, terwijl ze wel meer geld uitgeven. In 2017 consumeerden mensen nog zo’n 6 procent minder dan in 2008. Door prijsstijgingen van 9 procent in totaal kregen ze daar minder goederen en diensten voor terug.

Ook als de groeiende consumptie van 2018 mee wordt gerekend, komt de consumptie van een gemiddeld huishouden nog steeds beneden het niveau van voor de crisis uit.

Wonen en onderhoud sterkst gestegen

Basisbehoeften zoals wonen, zorg, voeding en energie beslaan in 2017 41 procent van de uitgaven van huishoudens. In 2008 was dat nog 36 procent.

Vooral wonen en onderhoud werd in verhouding een grotere kostenpost: die groeide van 19,5 procent in 2008 naar 23,7 procent in 2017. Zorg is nu goed voor 3,8 procent van de uitgaven, van 3,1 procent voor de crisis.

Ook aan voedsel en alcoholvrije drank gaven mensen meer uit, door een sneller dan gemiddelde stijging van de prijzen, aldus ING. In 2008 was dit deel nog 10,1 procent, in 2017 is het 10,8 procent.

Energie en water namen in 2017 juist een iets minder groot deel in van het budget dan in 2008. Door onder meer energiezuinigere nieuwbouw ging men in die periode langzaam minder energie verbruiken.

Hoger BBP, lagere consumptie

Het BBP in 2017 is 6,5 procent groter dan in 2008, maar toch daalde de consumptie per huishouden. Volgens ING zijn er verschillende oorzaken voor die consumptiedaling.

Ten eerste zijn er 7,5 procent meer huishoudens, die het gemiddelde omlaag halen. Ten tweede betalen huishoudens 7,1 procent meer mee aan consumptie die via de overheid loopt, zoals zorg- en onderwijsuitgaven. Ook is het aandeel dat mensen sparen toegenomen, zoals via pensioenen, en daalde het aantal leningen zoals hypotheken.

“De lagere consumptie bij een hoger BBP kwam dus door het nastreven van andere, maatschappelijke doelen, zoals meer zorg en onderwijs en het opbouwen van financiële buffers”, aldus ING.

Duurt nog tot 2025

Volgens ING zal het mogelijk nog tot 2025 duren voor volledig herstel van de consumptie zich volledig herstelt, ook al groeit het inkomen en trekt de consumptie aan. Dat zou komen doordat het aandeel van de basisbehoeften hoog blijft: door vergrijzing stijgen de zorgkosten, de energiekosten gaan omhoog door de energietransitie, en de huren zullen ook verder stijgen.

Verder gaat volgens ING de komende jaren een groot deel van het geld naar extra collectief gefinancierde zorg en extra besparingen zoals voor de pensioenen.

“De ruimte voor leuke dingen is dus nog altijd beperkt en die trekt de komende jaren maar geleidelijk aan”, zegt Marcel Klok van het ING Economisch Bureau. “Dit helpt verklaren dat mensen vinden dat ze nog niet echt profiteren van de economische groei. De groei leverde wel ruimte op voor zorg en de opbouw van buffers.”


%d bloggers liken dit: